Het was jarenlang vooral een fenomeen bij Amerikaanse (vooral beursgenoteerde) bedrijven: het ontslaan van mensen bij mindere vooruitzichten. Gedreven door het snel kunnen tonen van betere resultaten (hetgeen de beurskoers direct beïnvloedt) worden de kosten als eerste aangepakt. Dat dit slechts eenmalig gedaan kan worden en dat verdere resultaatverbetering toch uit de topline moet komen, was zelden een reden om anders te handelen.
Natuurlijk, veel grote bedrijven plegen zich gedurende voorspoedige jaren in een te ruim jasje te steken. Zo’n sanering kan dus zeker heilzaam werken. De voordelen worden echter al snel overschaduwd door de nadelen als de kostenreductie gaat over het ontslaan van mensen in kennis- en relatie intensieve business. Met deze mensen vertrekt het belangrijkste bestanddeel van het bedrijfskapitaal. Het kost bij het aantrekken van de markt jaren voordat het oude kennis- en relatieniveau weer is opgebouwd. Hier komt nog bij dat slimme concurrenten er als de kippen bij zijn om de beste mensen over te nemen. Dit deel van het bedrijfsgeheugen komt nooit meer terug maar werkt zelfs namens de concurrent tegen de oude werkgever.
De aanhoudende laagconjunctuur heeft deze ad hoc handelswijze (ik durf het geen visie te noemen) doen overslaan naar Europese en niet-beursgenoteerde bedrijven. De reserves raken op en de agenda wordt beheerst door overleven. Daar waar alle reserves verdwenen zijn, rest vermoedelijk slechts reductie. Echter zolang er nog reserves zijn is het aanwenden hiervan voor het behoud van bedrijfsgeheugen, kennis en relaties het beste besluit. Immers hierdoor is de onderneming bij het aantrekken van de markt in staat snel te groeien. Er wordt geen tijd en geld verloren met het zoeken, aannemen en inwerken van de dan weer noodzakelijke mensen. Een bestaande bezetting (mits adequaat) kan direct gas geven. Bovendien vestigt het bedrijf hiermee een cultuur en reputatie van soliditeit en bestendigheid. Aspecten die het corporate image ten goede komen, zowel op de eigen markt als op de arbeids- en financiële markten.
Het vraagt natuurlijk om bestuurlijke moed en vertrouwen in de eigen visie. Als dit laatste ontbreekt dan is er uiteraard sprake van een geheel andere situatie. Maar ieder bestuur dat er van overtuigd is een valide visie te hebben, doet er verstandig aan om te durven blijven investeren in de juiste mensen en het opgebouwde kapitaal niet zomaar te vernietigen. Dan maar even geen (tijdelijke) opleving van het humeur van de aandeelhouders.



